Hoe is een scriptie opgebouwd? 1 HOE IS EEN SCRIPTIE OPGEBOUWD? 1. INLEIDING  Uit welke onderdelen bestaat een scriptie? In welke volgorde staan ze? Maak samen met je buur een lijstje.  Wat is het verschil tussen een voorwoord en een inleiding? Wat staat in het voorwoord, wat in de inleiding?  Wat moet er in de conclusie staan?  Waar stop je de bijlage? Geef je dit aan in je bibliografie? 2. TITEL We hebben al gezien dat de titel in het kort je onderzoeksvraag weergeeft. Je mag best een aantrekkelijke titel verzinnen, maar dan mag je niet vergeten daar een duidelijke ondertitel aan toe te voegen. (A) Wat vind je van de onderstaande titels? (1 t.e.m. 4 zijn titels van wetenschappelijke papers, 5 van een essay, 6 en 7 zijn boektitels) Bron: Lieven De Wachter en Carolien Van Soom, Academisch schrijven. Een praktische gids, Den Haag, 2010, p. 13. (B) Bron: Lieven De Wachter en Carolien Van Soom, Academisch schrijven. Een praktische gids, Den Haag, 2010, p. 15. Hoe is een scriptie opgebouwd? 2 3. INHOUDSOPGAVE (A) Waarom is dit geen goed voorbeeld van een inhoudsopgave? Bron: Lieven De Wachter en Carolien Van Soom, Academisch schrijven. Een praktische gids, Den Haag, 2010, p. 19. (B) Is dit een beter voorbeeld? Bron: Haeseryn e.a., De schrijfregels, Nijmegen, 2010, p. 6. Geraadpleegd op 30:06:2011 via www.ru.nl/publish/pages/551855/schrijfregels-versie20101.pdf Hoe is een scriptie opgebouwd? 3 4. HOOFDSTUKKEN, PARAGRAFEN EN ALINEA’S  Wat is het verschil tussen een alinea en een paragraaf?  Op welke manier markeer je het begin van een nieuwe alinea?  Wanneer gebruik je interlinie anderhalf, wanneer enkel? (A) Wat kan je verbeteren aan de alineaindeling in het volgende fragment? VOORBEELD 1 (B) Waarom is het beter om je essay niet op de volgende manier te openen? VOORBEELD 3 Hoe is een scriptie opgebouwd? 4 (C) Zijn dit paragrafen? Wat kan je opmerkingen over de interpunctie in de titels? Bron: Lieven De Wachter en Carolien Van Soom, Academisch schrijven. Een praktische gids, Den Haag, 2010, p. 41. 5. VOETNOTEN Wanneer maak je gebruik van voetnoten?  .............................................................................................  .............................................................................................  .............................................................................................  .............................................................................................  .............................................................................................  .............................................................................................  .............................................................................................